CAO PAWW / uitzendarbeid

08/01/2019

Met ingang van 1 januari 2019 vallen de werkgevers die ressorteren onder de Collectieve Arbeidsovereenkomst voor de Bitumineuze en Kunststof Dakbedekkingsbedrijven (BIKUDAK) onder de regeling Private Aanvulling WW en WGA (PAWW). Deze regeling is op 21 november jl. algemeen verbindend verklaard in de CAO PAWW. Wat houdt de regeling in?

 

In het Sociaal Akkoord 2013 hebben werknemers- en werkgeversorganisaties landelijk afgesproken op CAO-niveau een private aanvulling van maximaal 14 maanden WW te introduceren. Met deze aanvulling is het WW recht voor werknemers weer hersteld tot het niveau van 31 december 2015. Dit nadat de overheid de maximale duur van een WW-uitkering had teruggebracht tot 24 maanden. Hiertoe hebben de landelijke sociale partners een stichting opgezet: de Stichting Private Aanvulling WW en WGA (SPAWW). In het principeakkoord voor de CAO BIKUDAK 2015-2017 hebben partijen bij de CAO BIKUDAK afgesproken zich aan te sluiten bij deze stichting. Als het goed is, hebben alle BIKUDAK-werkgevers deze week een welkomstbrief ontvangen van SPAWW. Iedere BIKUDAK-werkgever is verplicht zich aan te melden bij deze stichting.

 

Vanaf 1 januari 2019 moet er maandelijks een werknemerspremie worden afgedragen. Deze premie loopt op van 0,3% van het bruto SV-loon in 2019 tot 0,6% in 2022. Wij adviseren om uw werknemers hierover te informeren. Meer informatie over de regeling kunt u vinden op www.spaww.nl.

 

Uitzendarbeid

 

In de Collectieve Arbeidsovereenkomst voor de Bitumineuze en Kunststof Dakbedekkingsbedrijven (CAO BIKUDAK) met als looptijd 1 januari tot en met 31 december 2018 zijn enkele afspraken gemaakt met betrekking tot uitzendarbeid. Via diverse bijeenkomsten van VEBIDAK en een brief van CAO-partijen bent u hier al eerder over geïnformeerd. We attenderen u nogmaals op een van de afspraken. Het gaat om de afspraak in artikel 7A (uitzendarbeid), eerste lid, sub d.. De tekst hiervan luidt als volgt.

 

“Als de uitzendkracht één jaar vast wordt ingeleend door dezelfde inlener, heeft deze recht op een contract voor onbepaalde tijd bij deze inlener. Indien de uitzendkracht korter dan een jaar bij dezelfde inlener werkzaam is, dan telt / tellen bij terugkeer, bij dezelfde inlener, eerdere periode(s) (binnen een tijdsbestek van drie jaar) mee voor de bepaling van de inleentijd van één jaar.”

Naar aanleiding van een aantal vragen van onze lid-bedrijven wijzen wij u op het volgende.

 

Indien u met een uitzendkracht werkt, die na 30 december a.s. één jaar door u is ingeleend, heeft deze recht op een contract voor onbepaalde tijd. Indien u de uitzendkracht niet in dienst wilt nemen, betekent dit dat u deze na 30 december a.s. niet meer kunt inlenen.

U bent verplicht om de uitzendkracht na één jaar een contract voor onbepaalde tijd aan te bieden als deze daarom vraagt. Het initiatief ligt bij de uitzendkracht. De uitzendkracht is niet verplicht om na één jaar bij u in vaste dienst te treden.

De uitzendkracht heeft ook recht op een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd bij het inlenende dakbedekkingsbedrijf als hij een arbeidsovereenkomst voor (on)bepaalde tijd heeft bij een uitzendbureau. Als de uitzendkracht bij u in dienst wil treden, zal deze dan uiteraard wel volgens de geldende regels en met inachtneming van de geldende opzegtermijn moeten opzeggen bij het uitzendbureau. De uitzendkracht kan er echter ook voor kiezen in dienst te blijven bij het uitzendbureau. De mogelijkheid bestaat dat de uitzendkracht daarna nog een beroep doet op zijn recht. Dat kan bijvoorbeeld als het UWV hem daarop wijst bij het aanvragen van een WW-uitkering.

Voor vragen over deze onderwerpen is de heer Tuiten van ons bureau graag tot uw dienst.